06:56

Verhaal - De zon die niet wilde zakken

by Marieke van Riel

rating.1a6a70b7
Beoordeeld
4.5
Group
Activiteit
Meditatie
Geschikt voor
Iedereen
Afgespeeld
1.1k

'Vandaag blijf ik maar eens hangen', zegt de zon. Hij heeft geen zin om onder te gaan. En bovendien kan de maan wel wat hulp gebruiken... hij is de laatste tijd zo bleek en klein. De maan snapt er niks van, want wat doet die zon nou naast haar aan de donkere sterrenhemel? Een verhaal voor kinderen en volwassenen, om lekker bij te relaxen of heerlijk bij in slaap te vallen!

Transcript

Welkom,

Ik ben Marieke van Riel en ik ga je een verhaal voorlezen over de zon die niet wilde zakken.

Er was eens een zon.

Hij vroeg zich af,

Had hij vandaag wel hard genoeg geschenen?

Was hij wel klaar met het voeden van planten en bomen?

Hadden de mensen wel genoeg van hem kunnen genieten?

Kon hij vannacht wel ondergaan?

Ik denk dat ik vandaag maar wat langer blijf,

Zei hij in zichzelf,

Dan help ik de maan ook een handje.

Ze is de laatste tijd zo somber.

Vol goede moed bleef de zon hangen,

Hoog aan de hemel.

Hij probeerde nog meer en nog beter om elk hoekje en gaatje van de aarde te bedekken met zijn stralen.

De maan was verbaasd,

Waarom was de zon er nog op dit tijdstip van de dag?

Eh,

Hallo zon,

Waarom zak je niet?

Het is mijn tijd om te schijnen,

De zon glimlachte.

Goedenavond maan,

Ik dacht,

Ik blijf vandaag wat langer.

Waarom?

Vroeg de maan.

Om je te helpen,

Zei de zon,

Je lijkt de laatste tijd zo bleek en somber.

De maan dacht na,

Daar had de zon wel gelijk in,

Ze had zo haar momenten.

De laatste dagen voelde ze zich inderdaad maar klein en donker.

Ze zuchtte.

Oké,

Zei ze zacht en een beetje onzeker ging ze naast de zon hangen.

Mooi,

Zei die,

Vannacht schijnen we fijn samen.

Daar hingen ze samen,

In de lucht,

Er dreef een wolk voorbij.

Ga eens aan de kant,

Riep de zon,

We proberen te stralen.

Waarom zou ik aan de kant gaan,

Zei de wolk,

Ik ben gewoon mezelf en wolken drijven nou eenmaal.

Dat is onze taak.

Daar wisten de zon en de maan niks op te zeggen.

Om hen heen werd het nacht,

Maar niet zo'n nacht als altijd.

De maan probeerde te schijnen,

Maar met al dat licht om zich heen wist ze zich geen raad met het donker.

Haar glans leek te verbleken.

En waar waren de sterren?

Ze zag ze niet door al dat licht en de mensen en dieren op aarde bleven zo rumoerig.

De maan zuchtte,

Er klopt iets niet,

Weer dreef een wolk voorbij.

Zon,

Begon de maan,

Misschien kun je toch beter zakken,

Ze keek naar haar vriend.

Ach,

Wel nee,

Zei de zon,

Ik ben niet voor niets de zon,

Ik moet stralen.

De maan werd stil.

Misschien had de zon gelijk en moest ze gewoon even wennen.

Maar de zon was ook niet tevreden,

Hij kreeg slaap en zijn stralen verdwenen in het donker van de nacht.

Bovendien leek de maan nog somberder dan anders,

Ze werd steeds stiller en leek wel te doven.

En die wolken die hielpen ook niet mee,

Wat hingen ze daar irritant te hangen.

Ze keken naar de zon,

Maar zeiden niets.

De zon dacht na.

De taak van de wolk is gewoon voorbij drijven.

Hm,

Maan,

Vroeg de zon voorzichtig,

Wat is jouw taak eigenlijk?

De maan gielde en deed haar ogen open.

Ik word soms klein en donker als de nacht,

Ze zuchtte van verlangen,

En daarna groei ik weer en schijn ik in al mijn volheid.

Och,

Dacht de zon,

Dat klonk prachtig.

Hij keek naar de maan en naar de wolken die voorbij dreven.

Wat was zijn taak ook alweer?

Hij gielde luid.

Soms is het tijd om te rusten,

Zei de maan voorzichtig tegen de zon.

En de zon knikte.

De maan had gelijk.

En soms is het tijd om te stralen,

Zei hij.

Ineens wist hij weer wat zijn taak was,

Opkomen,

Stralen,

Ondergaan.

Hij nam hun besluit.

Ik ga,

Zei hij,

En voorzichtig liet hij zich zakken.

Meteen stopte de vogels met zingen.

De dieren zochten hun holletjes op.

De mensen gielden en zeiden elkaar wel te rusten.

Onder hem hoorde de zon het zachte ruisen van de zee.

Zak maar lekker weg in mij,

Riep hij.

Kom maar,

Je mag rusten.

En de zon legde zijn hoofd neer.

Hij voelde hoe hij versmold met alles om hem heen.

De maan stond hoog aan de hemel,

Met om haar heen de sterren en de wolken in de lucht.

Ook al was haar vorm niet vol,

Ze voelde hoe groot ze was.

En in de weerspiegeling van de zee zag ze hoe ver haar licht rijkte.

De zon zag haar ook.

Was ze mooi?

Hij genoot van de vorm die ze had,

Die precies goed was.

Haar uitstraling om nooit te vergeten.

De maan scheen krachtig in al haar pracht,

Zo was de bedoeling.

En hij ook,

Hij kreeg er de kriebels van.

Jij mag er zijn,

Maan,

Riep de zon in haar richting.

De maan glunderde van licht en leek wel te groeien.

Voorzichtig kuste ze de zon in de zee wel trusten.

Met haar glans streelde ze de aarde,

Alle mensen en dieren goedenacht.

Zachtjes,

Heel zachtjes,

Tot alles en iedereen voelde hoe fijn het is dat het even donker is.

Hoe fijn het is te zijn wie en waar je bent.

Hoe fijn het is om even niets meer te hoeven,

Alleen maar te zijn.

4.5 (25)

Recente Beoordelingen

Esther

January 13, 2026

Wat een lief verhaal 🙂

Evi

January 6, 2026

Wauw, wat een prachtig verhaal!

More from Marieke van Riel

Loading...

Gerelateerde Meditaties

Loading...

Verwante Leraren

Loading...
© 2026 Marieke van Riel. All rights reserved. All copyright in this work remains with the original creator. No part of this material may be reproduced, distributed, or transmitted in any form or by any means, without the prior written permission of the copyright owner.

How can we help?

Sleep better
Reduce stress or anxiety
Meditation
Spirituality
Something else